Met een arm naar de Grand Prix: een update

“Het moeilijkste van je doel willen bereiken, is om je niet af te laten leiden. Ik laat me heel graag afleiden, ik vind zo veel dingen leuk om te doen en kan slecht ‘nee’ zeggen. Als ik iets heb geleerd de afgelopen tijd dan is het wel om ‘op het rechte pad’ te blijven. Zelfs als er andere zaken langszij komen of wanneer er iets tegenzit.”

Ik zal eerst maar alles benoemen wat er de afgelopen tijd iets tegenzat, dan kan ik deze blog positief eindigen.
Ik had mezelf in een spagaat gedwongen door én in de Lichte Tour veel beter te willen scoren én Grand Prix te willen worden. Een recept voor frustratie. Mijn altijd nuchtere echtgenoot zei op een dag, na wat ontevreden gemopper mijnerzijds: “Ik dacht dat de Grand Prix je doel was?” “Ja duh”, zei ik, “dat weet je toch?” (Bedenk hier een lichtelijk geïrriteerd toontje bij.) “Wat wil je dan nog in de Lichte Tour?” En toen kon ik dus geen antwoord vinden…. Slik. Na wat heen en weer gepraat dus alle wedstrijden afgezegd, want Marc had gewoon gelijk, zoals meestal. Niet-paardenmens als hij is, bekijkt hij de paardensport zonder alle emoties en prestatiedrang die mij wel eens opbreken. Ik heb in de Lichte Tour nette scores gereden, op het NK mogen rijden en af en toe wat gewonnen. Het was goed zo. En voor William is regelmatig starten niet belangrijk: hij loopt overal hetzelfde als thuis.

HOBBEL OP DE WEG

Een andere hobbel op de weg was een lichte blessure van William. Hij had zich waarschijnlijk een keer verstapt of aangetikt (hij loopt dagelijks in de wei), maar volgens mijn dierenarts Jos Hofma was het niks ernstigs dus na een korte behandeling en pauze in het werk was hij weer als nieuw. Maar, manman, wat kun je dan weer schrikken…
En over blessures gesproken: ikzelf ben er ook niet vrij van. Mijn rechterarm is al heel lang bij tijd en wijlen erg pijnlijk, door overbelasting in mijn jonge jaren. In die tijd mestte ik meer dan dertig boxen nog uit met mestvork en kruiwagen, werd hooi en stro met de hand gelost en was je heel wat vierkante kilometers aan het vegen. En dat op een stal met veertig paarden, waar we met hooguit twee man aan het werk waren. Daarnaast hebben er heel wat jonge paarden aan die ene arm gehangen en heb ik jarenlang dagelijks tientallen keren met zadels en dekens lopen sjouwen. Nu ik wat ouder word, speelt mijn ‘goede’ schouder vaker op en moet ik mezelf in acht nemen. Met rijden heb ik er geen last van, maar als een paard er per ongeluk iets aan trekt, doet dat wel even zeer. Het zorgt er wel voor dat ik met weinig kracht kan rijden in m’n ene arm; ieder nadeel heeft z’n voordeel. Maar de angst om mijn laatste arm te verliezen is soms te groot en dat leidt behoorlijk af.

NEGATIEF GEVOEL

Naast dat ik veel lessen en clinics geef, zeg ik ook nog wel eens ‘ja’ op een jureerklus die me erg leuk lijkt. Deze zomer mocht ik meejureren bij de Dressuur-aanlegcompetitie van het Friese ras. Samen met de collega’s waren dit leuke dagen om mee te maken en hebben we naar eer en geweten gejureerd. Bizar hoe dan binnen 24 uur de sociale media kunnen ontploffen omdat er ook kritiek was. Ook dat hoort bij de paardensport blijkbaar; ongezouten je mening geven, ongenuanceerd reageren en mensen persoonlijk aanvallen. Ik kan daar slecht tegen, omdat verweren weinig zinvol is en negeren ook niet. Maar al ben ik redelijk verstandig en kan ik er boven staan; emotioneel raakt het me toch. Iets met hoge bomen en veel wind? Ik heb me echt even afgevraagd of ik niet liever in de grotten van de onbekendheid wilde verdwijnen. En alle stennis rond de Olympische Spelen hielp niet mee. Het leek wel burgeroorlog in Paardenland. Ik was er tijdelijk even helemaal klaar mee. Toen bedacht ik mij dat ik vooral in de paardensport werkzaam wil zijn om mensen wat te leren en daar vooral mijn inspiratie en energie uithaal. Al met al een handvol hobbels waar we ons glansrijk door heen hebben geslagen. Mede dankzij mijn nuchtere echtgenoot en de steun van Sanne Beijerman.

POSITIEVE KANT

En dan de positieve dingen? Ik mocht een week clinics geven in Engeland, heb samen met Bettine van Harselaar commentaar gegeven op het NK Dressuur bij ClipMyHorse, ik had leerlingen die heel goed presteerden, ik heb bij Emmelie Scholtens mogen trainen omdat Alex van Silfhout in Rio was en Willem en ik werden uitgenodigd om tijdens HorseEvent twee dagen lang op te treden! Om maar eens wat te noemen, want de lijst is veel langer…
Maar waar staan we dan nu op weg naar de Grand Prix? Om te beginnen, William en ik zijn topfit. We beheersen zo’n beetje alle oefeningen; het aan elkaar rijden van die oefeningen is een enorme klus, maar wat is het gaaf om te merken dat William het net zo leuk vindt als ik.
De drempel die ik me zelf opwerp om nog niet te gaan starten in de Intermediair II wordt steeds lager, al voelt die ene keer boven de 60 procent scoren in die klasse als honderd winstpunten moeten rijden! Het hoort er gewoon bij en ik geniet van de weg er naar toe. Daarnaast heb ik onszelf een cadeau gedaan: twee weken met William naar Stal van Silfhout om door te trainen, te kunnen focussen en even geen afleiding. Bijna geen lessen hoeven geven, alleen maar kijken, voor William zorgen en geïnspireerd worden door olympiade ruiters! Wat een genot en wat een rijkdom dat ik me zo gesteund weet door Marc, familie en vrienden om dit te kunnen doen. Terwijl ik dit schrijf, zittend aan tafel op deze fijne stal, ga ik me langzamerhand steeds meer verheugen op die dag dat we meer dan 60 procent scoren en mag roepen dat we Grand Prix kunnen gaan starten…

Maarten van Stek

Bron: Dressuur.nl

logo dressuur magazine

Dressuurruiters.nl